Terugblik Weekend van de Wetenschap

Wat kan ik zelf doen om me beter en fitter te voelen? Een groeiende groep mensen, of ze nu gezond zijn of ziek, experimenteert met aanpassingen in leefstijl en met name voeding om zelf invloed uit te oefenen op hun kwaliteit van leven. De serie mini-lezingen van Immunowell en het AMC, tijdens het Weekend van de Wetenschap, wierp licht op deze trend vanuit een wetenschappelijk oogpunt.

Uit de lezingen komt als rode draad naar voren dat het lastig en tijdrovend is om wetenschappelijk aan te tonen wat wel en niet werkt als het gaat om voeding en andere leefstijl aanpassingen. Vaak lijken er wel verbanden te zijn, maar een echt oorzakelijk verband is nog niet vastgesteld. Maar, er is hoop. Het positieve effect van bepaalde voedingsvezels op hersenziekten zoals autisme, blijkt aantoonbaar in een muismodel. Ook hoopvol is het feit dat de ervaringskennis van patiënten zelf meer en meer wordt gewaardeerd en kan worden ingezet in wetenschappelijk onderzoek. Want uiteindelijk kan iemand zelf het ‘levend bewijs’ zijn van de effectiviteit van zelf genomen maatregelen. Als we de ervaringskennis uit bijvoorbeeld succesverhalen kunnen bundelen dan zijn we in staat om nieuw wetenschappelijk onderzoek op te zetten. Wellicht komen we dan ook uit op andere onderzoeksmethodes die geschikt zijn voor de complexe wereld van gezondheid en chronische ziekten.

Hieronder volgt een korte samenvatting van de lezingen. Zodra beschikbaar worden hier binnenkort ook de presentaties geplaatst.

Darmflora: hype of echt belangrijk?

photo_thumbdarmfloraIn deze lezing stellen Dr. Joost Wiersinga en drs. Bas Haak van het Centrum voor Experimentele Moleculaire Geneeskunde aan het AMC zich de vraag hoe belangrijk de darmflora is. De darmflora bestaat uit miljarden bacteriën, virussen en schimmels. Gemeten in het aantal cellen bestaan wij in gelijke delen uit bacteriën en lichaamscellen.

In vele onderzoeken in grote groepen mensen worden zogeheten ‘associaties’ waargenomen tussen de samenstelling van iemands darmflora en ziekten zoals Crohn, Colitis Ulcerosa en een hypersensitief immuunsysteem. Dit laatste is een immuunsysteem dat snel en heftig kan reageren in de vorm van allergieën en auto-immuun reacties. Deze associaties geven aan dat er mogelijk een verband is. Dit wil echter niet zeggen dat er ook een echt causaal verband aanwezig is. Met poeptransplantaties kunnen enkele spectaculaire resultaten geboekt worden, zoals bij een infectie met een beruchte ziekenhuisbacterie, die heel effectief bestreden kan worden met een poeptransplantatie. Helaas blijkt dat andere toepassingen, bij bijvoorbeeld de ziekte van Crohn, niet werken. Joost en Bas leggen uit dat zo’n poeptransplantatie niet zonder risico’s is en daarom als laatste redmiddel wordt ingezet. “Darmflora: hype of echt belangrijk?…” De vraag blijft hier nog open maar de volgende lezingen maken het belang verder duidelijk.

Jong geleerd, oud aangedaan?

photo_thumbjonggeleerdEen opmerkelijk verhaal van Dr. Peter Henneman, onderzoeker bij de afdeling Klinische Genetica van het AMC, over de invloed van voeding en trauma op de expressie van onze genen. Oftewel: hoe datgene wat in ons DNA is vastgelegd, tot uiting komt in ons leven. Peter legt uit hoe verschillende omgevingsfactoren de genen in ons DNA “aan” of “uit” kunnen zetten. Dit heeft verstrekkende gevolgen, zelfs voor volgende generaties. Traumatische ervaringen bij jonge kinderen, zelfs al in de baarmoeder (bij trauma van de moeder), kan leiden tot een grotere gevoeligheid voor Posttraumatisch Stress Syndroom (PTSS) in het latere leven. Ondervoeding van de zwangere moeder kan leiden tot overgewicht en meer risico op bepaalde ziekten in het latere leven van het kind. Bij de meeste chronische immuunziekten van tegenwoordig, ook wel ‘complexe ziekten’ genoemd, spelen genetische achtergrond én omgevingsfactoren een belangrijke rol. Wetenschappelijk is aangetoond dat er verschillen zijn gevonden in bepaalde groepen genen die “aan” of “uit” staan bij gezonde mensen en mensen met een complexe ziekte. Wat echter nog niet mogelijk is, is om exact de functie van deze genen te bepalen. Dit maakt het vooralsnog niet mogelijk om hier therapieën en bijvoorbeeld voedingsadviezen uit af te leiden.

Je bent wat je (niet) eet

photo_thumbbentwatjeeetWat kan ik mijn patiënten in de spreekkamer als dieetadvies geven? Dr. Marjolijn Duijvestein, Gastero-enteroloog bij de afdeling Maag, Darm en Leverziekten van het AMC, heeft naar aanleiding van de regelmatige vragen van haar patiënten onderzoek gedaan naar wat nu wel en niet bewezen is van diëten en het effect van voeding. Zij kwam erachter dat er helaas nog veel te weinig is bewezen om echt advies te kunnen geven. Toch zijn er zaken die wel duidelijk zijn. Zo is bijvoorbeeld ondervoeding, tegenwoordig bij ouderen een groot probleem, van invloed op op tal van zaken, zoals hoe snel je herstelt van ziekten.

Ook teveel eten is niet goed voor de gezondheid en leidt tot obesitas wat weer een scala aan risicofactoren oplevert zoals bijvoorbeeld het risico op kanker, hartaandoeningen en immuunziekten. Opvallend is dat het overmatig gebruik van suiker, in wat voor vorm dan ook, een veel grotere negatieve invloed heeft op de gezondheid dan de meeste mensen weten. Belangrijker nog, onze omgeving is zo ingericht dat er overal verleidingen zijn om suiker tot je te nemen. Suiker in vruchtensappen of stropen als ahornsiroop zijn eigenlijk net zo erg als gewone suiker. Het is dan ook best lastig, maar toch echt aan te raden, om te minderen met suiker. Veel groenten en fruit is nog steeds een goede zaak zoals we allemaal best weten.

Van belang is dat patiënten in gesprek gaan en worden gehoord over voeding en hun ziekte. Sommige voor de hand liggende zaken, zoals diarreeklachten omdat iemand 2 liter cola light drinkt per dag (waar zoetstoffen in zitten die bij grote hoeveelheden laxerend zijn), kunnen dan eenvoudig opgelost worden met een advies, in dit geval drastosch minderen met de cola light. Marjolijn sluit af met een advies van Huub Savelkoul, hoogleraar celbiologie en immunologie in Wageningen. Hij gebruikt het acroniem BRAVO: om gezond te leven moet je voldoende Bewegen, niet Roken, geen of weinig Alcohol drinken, op je Voeding letten (de nieuwe schijf van vijf) en zorgen voor voldoende Ontspanning. Het is juist de combinatie van deze aspecten die je fitter kan maken.

Autisme in je buik?

photo_thumbautismebuikIn een helder overzicht laat prof. dr. Aletta Kraneveld, immuno-farmacoloog bij de Universiteit Utrecht, zien hoe de onze darmflora, ons immuunsysteem en onze hersencellen zich hand in hand ontwikkelen in de verschillende levensfasen van een mens, van foetus tot oudere. Onze darmen zijn enorm belangrijk want zij vormen het grootste orgaan waarlangs (voedings)stoffen ons lichaam binnen komen. De invloed van voeding op onze genen, ons immuunsysteem en op gezondheid en ziekte, loopt dus via de darmen en via de daarin aanwezige miljoenen bacteriën, virussen en schimmels.

Aletta legt de stelling neer: een slechte darmfuncte leidt tot een slechte breinfunctie, en andersom. Een overweldigend aantal onderzoeken onderbouwt deze stelling. Zij neemt ons mee in een aantal onderzoeken in muismodellen en in mensen, waar dit aan het licht komt.

Een van de meest opvallende onderzoeken, die op haar afdeling is uitgevoerd, toont aan dat het gedrag van muizen met autisme minder angstig en een stuk socialer wordt na het toedienen van niet verteerbare suikervezels. Dit laatste heet ook wel prebiotica, het zijn vezels die selectief de groei en/of de activiteit van goede bacteriën bevorderen. Deze vezels zijn bijvoorbeeld aanwezig in andijvie, rode ui, artisjok en witlof.

Een andere opvallende uitkomst is de relatie tussen autisme en voedselallergie voor met name lactose en gluten. Dit wil niet zeggen dat alle kinderen met een voedselallergie, ook autisme hebben. Wel kan het betekenen, dat de genen van mensen met een genetische aanleg voor autisme wellicht “aan” gezet worden of “uit” blijven staan als gevolg van je dieet. Aletta pleit ook voor het gesprek met je arts over dieet en om daarbij de laatste stand van de wetenschap zoals bijvoorbeeld rond autisme, aan de orde te hebben.

Patiënten participatie

photo_thumbpatientinonderzoekCees Smit van het Platform Patiënt en Voeding benadrukt dat artsen en patiënten niet alleen in gesprek moeten blijven over hun voeding in relatie tot hun ziekte, maar dat er ook praktische handvatten moeten komen om daadwerkelijk wat te kunnen doen met adviezen. Bijvoorbeeld: als je zoutloos moet eten verwijs dan ook naar een boek met zoutloze recepten. Of denk aan iemand in een rolstoel die beperkingen heeft bij het koken, hoe kan zo iemand toch aan gezonde maaltijden komen met verse ingrediënten en niet ‘uit een pakje’. Platform Patiënt en Voeding stimuleert mensen, onder andere, om hier op een creatieve manier oplossingen voor te bedenken en de discussie op gang te brengen.

Dr. Anje te Velde, Principle Investigator aan het AMC, vertelt wat Immunowell wil bereiken met de ervaringskennis van patiënten. Deze kennis moet de basis gaan vormen van breed ingestoken onderzoek (Immunowell Human Science Lab) naar hoe je je immuunsysteem fitter kan maken. Tijdens eerdere reacties uit het publiek vertelde een dame dat zij door haar dieet aan te passen na enkele jaren een drastische verbetering in haar gezondheid heeft bereikt: vroeger vaak ziek en verkouden, nu niet meer, en zij bleek inmiddels haar medicijnen met de helft te hebben kunnen verminderen. Als we deze verhalen kunnen bundelen kunnen ze aanleiding geven tot gericht verder onderzoek.

Comments are closed